College van b&w
Het college van burgemeester en wethouders is het dagelijks bestuur van de gemeente. In Nederlek bestaat het college uit drie leden: een burgemeester en twee wethouders. Het college zorgt voor de voorbereiding van zaken waarover de raad moet beslissen en voor de uitvoering van besluiten. Ook zorgt het college voor het uitvoeren van landelijke regelingen, het zogenaamde medebewind. Voorbeelden daarvan zijn het uitvoeren van de Wet Werk en Bijstand en de Wet Milieubeheer.
Als dagelijks bestuur is het college van B en W de eerst verantwoordelijke instantie voor de financiën van de gemeente. Het college voert verder het personeelsbeleid van de gemeentelijke organisatie. Ook kan het college bepaalde bevoegdheden hebben die volgens de wet eigenlijk bij de gemeenteraad liggen. In dat geval heeft de raad besloten die bevoegdheden over te dragen aan het college (delegatie).
In het college heeft iedere wethouder zijn eigen taakgebied, ook wel portefeuille genoemd. Over voorstellen aan de gemeenteraad moet door het college als geheel besloten worden. B en W beslissen bij meerderheid van stemmen. Het college van burgemeester en wethouders vergadert elke dinsdagochtend. Deze vergaderingen zijn niet openbaar.
Op deze website vindt u tevens meer informatie over samenstelling en portefeuilleverdeling van het college van b en w.
Burgemeester
In tegenstelling tot raadsleden en (indirect) wethouders wordt de burgemeester niet gekozen, maar benoemd door de Kroon, wat betekent dat hij of zij op voordracht van de minister van Binnenlandse Zaken bij Koninklijk Besluit wordt aangesteld. De burgemeester is voorzitter van de gemeenteraad (zonder stemrecht) en voorzitter van het college van B en W (waar hij wel stemrecht heeft). De burgemeester heeft een aantal eigen wettelijke taken en bevoegdheden. Hij is verantwoordelijk voor de handhaving van de openbare orde en veiligheid in de gemeente. Verder heeft hij de leiding bij de organisatie rondom de rampenbestrijding.
Als benoemd bestuurder heeft de burgemeester ook een beetje de functie van opzichter. Hij moet besluiten van de gemeenteraad uitvoeren, maar als hij die in strijd met de wet of het algemeen belang acht , dan kan hij zo'n besluit voor vernietiging voordragen bij de minister van Binnenlandse Zaken. De benoeming van de burgemeester geldt steeds voor een periode van zes jaar. Na advisering door de gemeenteraad wordt een burgemeester meestal automatisch herbenoemd. Alleen de Kroon, de Koningin en de ministers, kan de burgemeester ontslaan, de gemeenteraad dus niet.
De wethouders
Wethouders worden in het algemeen door de raad uit hun midden benoemd. Na de invoering van het zogenaamde dualisme kunnen echter ook wethouders van buiten de raad worden aangetrokken. Naast de mogelijkheid tot het aantrekken van zo'n wethouder is een andere verandering dat hij of zij géén deel meer uitmaakt van de raad. Indien een raadslid tot wethouder wordt benoemd, wordt zijn stoel dus in de raad ingenomen door een volgend persoon van de kieslijst.
Net als het aantal raadsleden is het aantal wethouders van de gemeente afhankelijk van het aantal inwoners. Daarnaast maken de politieke partijen die het college vormen afspraken over het aantal wethouders en de specifieke inhoud van de portefeuilles. De wethouder krijgt, afhankelijk van de grootte van de gemeente, een salaris. Tussen raad en wethouder geldt, net als tussen Tweede Kamer en minister, de vertrouwensregel. Verliest de wethouder het vertrouwen, dan moet hij aftreden.
In Nederlek worden twee wethouders benoemd. Zij voeren o.a. de besluiten van de gemeenteraad uit. Daarnaast zijn ze ook verantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken binnen de gemeentelijke organisatie en hebben verder een aantal wettelijke taken uit te voeren. Iedere wethouder heeft zijn eigen taakgebied of portefeuille, zoals onderwijs, openbare werken, financiën, huisvesting, sport en cultuur.
Gemeentesecretaris
De secretaris wordt voor onbepaalde tijd benoemd door het college van burgemeester en wethouders en staat aan het hoofd van de ambtelijke organisatie. Hij ondersteunt ook het college. In die hoedanigheid is hij de eerste adviseur van het college van burgemeester en wethouders en woont dan ook de vergaderingen van burgemeester en wethouders bij. Wanneer er stukken uitgaan namens het college, worden die door de burgemeester en de gemeentesecretaris ondertekend.